Joyce Zweers, organisatieadviseur bij het UMC Utrecht, tevens projectleider van de pilot:Wat is uw rol in het project? “Tot september 2011 was ik projectleider en samen met een team verantwoordelijk voor de inhoud en de resultaten. De proefimplementatie is een voortzetting van een zogenoemd Slimmer Beter-project om de zorgspreekuren van de Divisie Hart & Longen binnen het UMC Utrecht slimmer en efficiënter te organiseren. Binnen dat kader hebben we een zorgproces ontwikkeld, toepasbaar voor diverse patiëntencategorieën, waar de training Gezond Leven een onderdeel van is. Waar eerst versnipperde leefstijladviezen aan polikliniekpatiënten werden gegeven, is nu een duidelijk meetbaar zorgproces ontstaan. Patiënten kunnen zelf kiezen voor de zorg die bij hen past: regisseren, opstarten onder begeleiding van professionals of later oppakken. Het uiteindelijke doel van het Slimmer Beter-project was om onze zorg in de derde lijn te laten aansluiten op de eerste lijn. Niet allemaal hetzelfde doen, maar elkaar aanvullen. De inhoud is per patiëntengroep afgestemd op de beschikbare zorgstandaarden. Dat wat we toen ontwikkeld hebben, testen we sinds maart 2011 in deze proefimplementatie.” Wat houdt de pilot in? “Eerst screenen we elke patiënt individueel met behulp van twee vragenlijsten, die mensen thuis invullen. De gezondheidsvragenlijst gaat over bewegen, roken, voeding, stress, drankgebruik enzovoorts. De Partners in Health-lijst (PiH) is gericht op zelfmanagement: hoe gaan mensen met hun ziekte om, weten ze wat de ziekte inhoudt, kunnen ze hun weg vinden in de gezondheidszorg? Een verpleegkundige bespreekt de uitkomsten met de patiënt. Is deze gemotiveerd om van leefstijl te veranderen, dan worden de veranderdoelen besproken. De patiënt kiest zelf of hij wil deelnemen aan de groepstraining Gezond Leven. Hartpatiënten melden zich vrij gemakkelijk aan. Ze willen graag leren hoe ze na een infarct of operatie hun leven weer kunnen oppakken. Vaak vinden ze het ook prettig om met lotgenoten over hun angst te praten. Longpatiënten lopen minder snel warm voor deze cursus. Zij hebben een andere doelstelling: ze willen vooral minder stress, meer rust en een goede energiebalans.” Wat maakt dit project uniek? “Binnen het UMC Utrecht is dit het begin op het gebied van zelfmanagementinterventies. Er bestaan al programma’s voor reumatologie en diabeteszorg, maar die zijn niet op deze manier geïmplementeerd. Ik heb het gevoel dat we in Nederland in de voorlinie lopen. Om patiënten gebruik te laten maken van zorg in zowel de eerste als de derde lijn hebben we ook een website opgezet, die als wegwijzer fungeert. Daar kunnen mensen bijvoorbeeld het adres vinden van een gespecialiseerde fysiotherapeut of diëtist bij hen in de buurt. Wat ik ook bijzonder vind, is de inzet van expertpatiënten tijdens de training. Zo iemand maakt vanzelf dingen los en vult als ervaringsdeskundige de zorgprofessional mooi aan. Wat ik verder uniek vind, is dat deze training een aanzet vormt waarmee patiënten zelf verder kunnen in hun eigen omgeving. Denk aan sporten bij een sportschool, een diëtiste zoeken in de buurt of naar een Hart in Beweging-groep toestappen. Zo nodig met begeleiding van de huisarts, de thuiszorg en de patiëntenvereniging. We willen namelijk niet dat een patiënt na de cursus er ineens alleen voorstaat.” Hoe zorg je voor goede trainers? “Onze trainers zijn zorgverleners en gewend met patiënten om te gaan. Ze krijgen vanzelfsprekend een goede voorbereiding, maar voor een groep staan kun je natuurlijk niet ‘droog oefenen’. Ze geven zelf aan dat ze er moeite mee hebben om aan de structuur van de sessie vast te houden en patiënten goed te begeleiden. ‘Coaching on the job’ zou dus een zinvolle aanvulling zijn, daar willen we wat mee gaan doen. Zo’n coach zou hen onder meer kunnen helpen om de inhoud interactiever te maken. Nu is het vaak nog zo dat de trainer informatie verstrekt en dat de patiënten onderling ervaringen delen. De patiënten zou nog structureler aan de slag moeten met het anders invullen van hun leven en het omgaan met risicofactoren. De trainer kan van de coach ook leren hoe hij patiënten beter kan ondersteunen bij het stellen van doelen. Veel patiënten weten namelijk niet goed wat ze willen veranderen. Ze blijven gauw hangen in vage omschrijvingen als ‘meer bewegen’ of ‘gezonder eten’. De trainer helpt hen om dit concreet te maken en zoekt samen met hen hoe ze de gedragsverandering het beste aanpakken.” Zijn er nog meer verbeterpunten? “Jazeker. We willen de expertpatiënten graag wat actiever inzetten. Nu treden zij nog vaak op als lotgenoot, maar ze mogen een prominentere rol krijgen in de training. Ook kunnen de cursisten nog meer van elkaar leren dan nu het geval is. Ook wij als organisatie kunnen nog meer van de patiënten leren, bijvoorbeeld door hen actief te betrekken bij de opzet van nieuwe interventies. Deze training is een cocreatie van patiënten, onderzoekers en hulpverleners, die onderhevig is aan continue verbetering. Alleen zo maak je iets wat aansluit bij de behoefte van de doelgroep. Met de patiëntenverenigingen zijn we aan het kijken hoe patiënten van hun diensten en elkaar gebruik kunnen maken als ze de training afsluiten. We denken erover om een terugkombijeenkomst te organiseren in de vorm van een kookworkshop door De Hart- en Vaatgroep. Ook willen we graag participeren in het nieuwe Longpunt van het Astma Fonds in de regio Utrecht. Tot slot werken we aan een betere overdracht aan de omgeving van de patiënt; er is nu nog te weinig onderling contact binnen de eerstelijnszorg. Het opzetten van een digitaal dossier en het beter up-to-date houden van de website staan eveneens op ons lijstje.” Wat zijn de implicaties van deze proefimplementatie voor de organisatie? “We willen het proces kopiëren naar andere chronische aandoeningen. Nu zetten we de pilot in voor patiënten met hart- en vaatziekten. We hebben ontdekt dat hartfalenpatiënten duidelijk andere behoeften hebben. Zij lijken meer op COPD-patiënten, omdat ze chronisch ziek zijn en alleen nog maar achteruit gaan. In de toekomst zouden we het project dus ook naar die groep kunnen vertalen. Kankerpatiënten kunnen er ook baat bij hebben, zelfs in de palliatieve fase, door te leren hoe ze die laatste fase zo goed mogelijk kunnen inrichten.” terug |
Praktijkervaringen
- COACH methode
- Dieetinzicht.nl
- DIEP@work
- Digitaal Logboek (Portavita)
- Hartfalen
- IZER
- Keuzehulp Osteoporose
- Moeilijk bereikbare groepen
- UMCU Cancer Center
- UMCU Gezond leven
- ZWIP
- Interviews
Aanmelden #leernetwerken zeggenschap &inclusie voor mensen met ernstig meervoudige beperkingen van start! @kennispleingehandicaptensector.nl
3 dagen geleden
Ruim 400 bezoekers op #ZelfmCongres. Wilt u morgen het verslag en de presentaties ontvangen. Schrijf dan in op http://t.co/2biQbfPn
4 dagen geleden
volg ons ook via twitter
Poll
Is zelfmanagement al doorgedrongen tot de praktijk van alle dag?Hart voor zelfmanagement

Heeft u vragen, opmerkingen, tips of inspirerende ideeën, neem dan contact met ons op.